PETER PAN - 27 OKTOBER 2010
Ga eventueel verder met
(9) Het Ontstaan van een Fundamentalist (10) Jason W.: Fundamentalisme als Ontwikkelingsfase in de Adolescentie (60) Religie Stratificatie Systeem
(9) Het Ontstaan van een Fundamentalist (10) Jason W.: Fundamentalisme als Ontwikkelingsfase in de Adolescentie (60) Religie Stratificatie Systeem
Het geloof brengt de samenleving naast geborgenheid ook grote schade toe. De vraag is hier niet naar de essentie van het geloof maar naar de oorzaak van haar verwoestende kracht. Waar komt deze overtuigingskracht vandaan? Niet het geloof maar het begeleidende fanatisme is het probleem.
De aandacht richt zich op het hechtingsproces van extreem sterke gevoelens aan religieuze concepten. En voor de verklaring hiervan is de analogie nodig van:
- Het ROM-geheugen en het RAM-geheugen rond het kantelpunt van Piaget (irrationeel-rationeel).
- De menselijke behoefte aan een moraliserend superego in het onbewuste (Freud).
- En tenslotte het cultuurverschil tussen de allochtone en autochtone samenleving (masculiniteit-femininiteit) (Hofstede).
In hun onderlinge samenhang verklaren zij het religieuze extremisme en fundamentalisme van adolescenten en jongvolwassenen dat wel wat lijkt op een schizotypische persoonlijkheidstoornis maar dan betrokken op het geloof.
ROM (Read Only Memory)
RAM (Random Access Memory)
De geest als één en ondeelbaar
Lange tijd heeft de mens in de veronderstelling geleefd dat de geest één en ondeelbaar was.
Maar met het postuleren van het onbewuste kon er opeens een simpele verklaring gegeven worden voor de gesprekken met zichzelf en voor de influisteringen van de profeten. Maar ook voor het gebed tot God, het superego in het onbewuste.
Echter deze indeling van Freud verklaart nog niet de verwoestende kracht van het geloof. Daartoe moet de scheiding van Freud (bewuste-onbewuste) worden gecombineerd met de scheiding van Piaget (rationeel-irrationeel bewuste denken).
Daardoor huizen er in één mens opeens twee Goden, één in het irrationele onbewuste (ReliROM) en de ander in het rationele bewuste (ReliRAM). ReliROM, de eerste God, daar komt de verwoestende kracht vandaan.
ReliROM: God in het onbewuste
ReliRAM: God in het bewuste
SecuRAM: Bewust ongelovige
Het ROM-geheugen
Concepten van voor het achtste levensjaar komen terecht in het ROM-geheugen, het irrationele geheugen. Veel daarvan verdwijnt vervolgens naar het onbewuste. Maar het ROM-geheugen is niet hetzelfde als het onbewuste. Toch maken wij hier voor het gemak een keuze: De godsconcepten van het ROM-geheugen verdwijnen alle in het onbewuste.
Afhankelijk van de rationele ontwikkeling van het kind kan deze ROM-periode soms wel doorlopen tot het twaalfde jaar (Piaget: 7-12 jaar). Concepten worden daar zonder virusscanner aanvaard en worden zonder rationeel ordeningsmechanisme opgeslagen volgens de regels van de associatieve logica. Het is de wereld van het onbeperkte aantal vrijheidsgraden. Alles mag en alles kan. Het is de wereld van de sprookjes, de kabouters, de profeten en van het geloof in god.
Dergelijke geloofsconcepten kunnen later niet meer in enig zinnig conceptueel verband worden teruggevonden. Dit simpelweg bij gebrek aan een rationeel information retrieval system. Sterke ongenuanceerde gevoelens van haat en angst die in de kindertijd aan het geloof worden gehecht blijven daardoor vaak het verdere leven onbegrepen en onveranderd van kracht.
Zij worden veelal ontoegankelijk voor iedere emotionele herbeoordeling en versmelten vroegtijdig met de morele identiteit van het kind. Zij vormen daardoor de blauwdruk van de persoonlijkheid.
Vallen Sinterklaas en de kabouters rond het achtste levensjaar duidelijk als niet bestaand door de mand, hetzelfde geldt niet voor het godsbesef. Het godsbesef komt namelijk voort uit een innerlijke behoefte: de morele dialoog met zichzelf. Want God levert naast de verklaring voor de wereld ook ons superego, het geweten. En God bevordert op die manier de integratie van de menselijke geest.
Goden van Angst en Vrees of Goden van Vertrouwen en Geborgenheid
Inspelend op de menselijke behoefte aan een morele dialoog kunnen machthebbers naar believen goden voor het volk creëren. Zo kunnen er goden ontstaan die beangstigend zijn of goden bij wie het kind zich geborgen weet. Goden die haatdragend zijn of goden die liefdevol en vertrouwenwekkend zijn.
Liefde integreert maar haat desintegreert de persoonlijkheid van het kind
Hoewel de aanbieding van ieder geloof in de vroegste jeugd als een schending van de geestelijke integriteit sterk moet worden veroordeeld is hierin toch nog wel een keuze te maken. Met de aanbieding van liefde dan wel haat, geborgenheid of angst kiest men in therapeutische zin voor de ontwikkeling van een geïntegreerde dan wel van een verscheurde ROM-persoonlijkheid.
Liefde
Straalt God liefde en barmhartigheid uit dan ontstaat er door gebed een opbouwende morele dialoog die uitkristalliseert in schuld en boetedoening als controle op het eigen gedrag. God als moraliserend superego integreert dan in vertrouwen met de persoonlijkheid van het kind. De persoon evolueert vervolgens tot een geheel dat meer is dan zijn samenstellende delen. Het kind wordt dan zijn eigen gebedstherapeut. De persoon is hierdoor in staat zich toch nog in een redelijke harmonie van vrede en zelfbewustzijn te ontwikkelen.
Haat
Plant men echter haat en angst in de kinderziel dan wordt iedere dialoog geblokkeerd. De innerlijke dialoog van het gebed verzinkt dan letterlijk in een angstige litanie van bezwerende kreten en onderdanige jammerklachten. Het is deze vertwijfelde bezwering in dociele onderworpenheid die kenmerkend is voor een God waarin ieder vertrouwen ontbreekt. Het is een God die in het onbewuste huist en waarmee geen enkele harmonische relatie kan worden opgebouwd anders dan in de volstrekte asymmetrie van overgave en submission. Fatalistische onderwerping aan het onderbewuste morele superego is het gevolg. Het leidt tot de indolentie van culturen.
Mogelijk is dit ook de aanleiding tot de latere ontwikkeling van de schizotypische persoonlijkheidstoornis toegesneden op het geloof. Dit in combinatie met een oorzakelijke genetische component. Er is hier geen sprake van een evenwichtige geestelijke ontwikkeling naar volwassenheid, maar er ontstaat een scheve verhouding waarin de irrationaliteit van het onbewuste de overhand zal krijgen over de bewuste ratio.
Het geloof kan worden verinnerlijkt. Bij een intrinsiek geloof plaatst men het godsbegrip dan in de vroege kindertijd in het onbewuste geweten van het kind. De bedoeling is dat het geloof het verdere leven zijn invloed zal blijven uitoefenen op het gedrag van de mens. Het legt daardoor echter een hypotheek op zijn geestelijke gezondheid. Bezwerende gebeden, rites en offerandes zijn dan ook de bewuste uitingen om de God in het onbewuste te bezweren.
Dit is de conceptuele gijzeling van het eigen kind in optima forma. De betrokkene (het kind) wordt gegijzeld in het concept (het geloof) van zijn ouders (de gijzelnemers) die het kind pas zullen loslaten (losgeld) wanneer zij God voor eens en voor altijd in het onbewuste van het kind hebben gedumpt. Het is de verkrachting van het recht op zelfbeschikking. De mensheid zal zo ten onder gaan aan conceptoorlogen: religies en andere ideologieën.
Feitelijk is de bezwering van een niet bestaande God op zich al afwijkend gedrag bij verder nog normaal functionerende personen. Het katholieke geloof met zijn vele dwangmatige handelingen is hiervan een treffend voorbeeld.
Verzaakt de mens zijn religieuze plichten dan kan er een gevoel van schuld ontstaan. Negeert men zijn geloof langdurig dan kan een steeds grotere geestelijke instabiliteit daarvan het gevolg zijn. Maar dat hangt dan wel af van de soort God. Als God niet bedreigend overkomt en in liefde verlaten kan worden dan komt het kind nog goed weg in SecuRAM.
Is God echter bedreigend dan kan dit zelfs de dood tot gevolg hebben. SecuRAM kan dan onder druk weer in ReliRAM omslaan. Deze omslag, deze dubbele discontinuïteit in de geloofsbeleving (ReliROM-SecuRAM-ReliRAM) is daarom hét alarmsignaal voor de samenleving.
Geestelijke instabiliteit kan vervolgens een reactie oproepen van eigenaardige en onnavolgbare religieuze opvattingen, excentriek gedrag en paranoïde ideeën, absurd, metaforisch, breedsprakig en theatraal woordgebruik en een excentrieke kledij wellicht onbewust geïnspireerd op de irrationele denkpatronen vanuit ReliROM. Dit is het overlopende onbewuste bij gebrek aan rituele tegendruk vanuit het bewuste.
Het is deze overval vanuit het onbewuste die in extreme gevallen tot afwijkend gedrag leidt. Maar niet altijd is er dan van schizotypisch gedrag sprake. Wel zou het tot een grotere incidentie en een hogere prevalentie van schizotypisch gedrag in groepen met een dergelijk offensief geloof kunnen leiden. Omdat cultuur en religie zo extreem met elkaar verweven zijn zou schizotypisch gedrag – naast een genetische predispositie – daarom ook een culturele component kunnen hebben.
Piaget:
Begin logisch redeneren
Mogelijkheid abstract denken
Rationele reflectie
Ongeveer in de periode van acht tot twaalf jaar komt de rationele reflectie tot ontwikkeling. Rationele reflectie vooronderstelt een terugzoekmechanisme in de geest. Nieuw gevormde verbindingen tussen de hersencellen volgen vanaf dan steeds meer de regels van de formele logica. Verbindingen tussen concepten en de daaraan gekoppelde gevoelens kunnen daarom nu wel worden herleid en worden geïdentificeerd. Gevoelens kunnen daardoor op latere leeftijd weer worden geherinterpreteerd en meestal worden afgezwakt. De waardering van religieuze concepten kan zo worden gewijzigd en worden aangepast aan de emotionele rijping van het kind.
RAM-geheugen
Vanaf het achtste levensjaar en zeker na het twaalfde jaar komen concepten terecht in het RAM-geheugen.
Als gevolg van nieuwe religieuze ervaringen kunnen nu parallelbegrippen worden opgebouwd in beide soorten van geheugens. Het RAM-geheugen moet daartoe voor het godsbesef worden opgevat als een schil rond het ROM-geheugen. Met andere woorden kan de gelovige in het RAM-geheugen een amendeerbare versie van het godsbegrip ontwikkelen naast de oorspronkelijke primitieve versie in het ROM-geheugen.
In een religieuze discussie met een dergelijk persoon (ReliROM-ReliRAM) komt er echter altijd het moment dat men door de schil van het ReliRAM-geheugen heen prikt en de gelovige zal moeten terugvallen op zijn ReliROM-geheugen en zal moeten erkennen dat er verder niet te praten valt omdat het vanaf hier een kwestie van ‘geloven’ en ‘gevoelen’ is.
Alleen de sterken walsen uiteindelijk toch nog over hun eigen ReliROM-geheugen heen en bereiken alsnog de geestelijke vrijheid in het SecuRAM-geheugen. Zo kunnen rigide en flexibele persoonlijkheden worden onderscheiden:
ReliROM-ReliRAM = rigide
Ahmadinejad, Bush, Meiden van Halal, SGP-ers,
CU-ers, RPF-ers, GPV-ers.
ReliROM-SecuRAM = flexibel
Ayaan Hirsi Ali, Nebahat Albayrak, Afshin Ellian,
Ehsan Jami, Maarten ‘t Hart, (Andries Knevel).
Culturele Assimilatie, Culturele Indolentie, Culturele Criminaliteit
en Culturele Schizotypische Persoonlijkheidstoornis.
De oorspronkelijke cultuur kan zich bij allochtonen geografisch ook binnen de nieuwe cultuur zelf afspelen wanneer het kind voor zijn twaalfde jaar in betrekkelijke culturele afzondering leeft en het de taal van de geavanceerde cultuur slecht beheerst. In de puberteit treedt echter ieder kind toe tot de geavanceerde cultuur.
In de SecuRAM-fase zal een poging worden ondernomen om de ReliROM-fase te overwinnen. Dit gebeurt alleen wanneer het aangebrachte godsbesef als oneigenlijk wordt ervaren. Het kind komt dan in innerlijk verzet.
Kiest het kind echter voor de ReliRAM-fase dan wordt het eerder aangebrachte godsbesef als eigenlijk aanvaard. Het kind blijkt dan succesvol geïndoctrineerd of toont geen enkele religieuze belangstelling. Het kind kan dan vervallen tot dociliteit, indolentie of onverschilligheid.
Waar er bij de ReliROM-ReliRAM variant dus nauwelijks sprake zal zijn van een waarneembare overgang, zal ReliROM-SecuRAM aanleiding kunnen geven tot een enorm geestelijk spanningsveld. ReliROM zal dan letterlijk moeten worden overwonnen. Slimme allochtone meisjes zullen deze hindernis uiteindelijk veelal wel nemen. Allochtone jongens echter zijn at risk. Zij hebben iets te verliezen, namelijk hun bevoorrechte positie.
Wanneer jongens in ReliROM-SecuRAM geen spanningsveld ervaren komt dit wellicht omdat zij SecuRAM niet bewust bemerken. Zij hebben dan ook nog geen Culture Shock ervaren. Het gaat hen dan slechts om de studie en zij accepteren SecuRAM erbij als bijproduct van de seculiere samenleving. Het niet verwerken van SecuRAM is echter riskant.
Culture Shock: Het plotselinge besef van de overgang van een patriarchale en masculine cultuur naar die van femininiteit en de gelijkwaardigheid der seksen. (Maar later bij de mannen ook het besef dat het oorspronkelijke geloof en de seculiere cultuur onverenigbaar zijn).
Culturele Assimilatie bij vrouwen (ReliROM-SecuRAM).
Culturele Assimilatie (vrouwen en mannen) in een Seculiere en Feminine Cultuur (SecuRAM) is de belangrijkste reden waarom vrouwen wel maar veel mannen niet succesvol zullen assimileren. Schema: (ReliROM-SecuRAM)
Culture Shock (meisjes) op rationaliteits kantelpunt 8-9 jaar (Piaget: Concreet operationele stadium (7 tot 12 jaar). Begin logisch redeneren).
Jonge intelligente allochtone meisjes beseffen in de irrationele periode (ReliROM) al dat zij gedoemd zijn hun verdere leven een ondergeschikte rol te spelen in hun oorspronkelijke cultuur. Maar dan ontdekken zij de kans die autochtone vrouwen geboden wordt in hun geavanceerde cultuur.
Met de steun van hun moeder en de school slagen zij er vervolgens in tegelijkertijd het juk van het geloof en de patriarchale cultuur af te werpen. Op het moment dat het rationele denken zijn intrede doet beseffen zij dus al - en veel eerder dan de jongens - dat zij door keihard te leren aan dit dramatische lot kunnen ontkomen.
Er komt dan ook geen tweede Culture Shock bij de aanvang van de adolescentie simpelweg omdat ReliROM hen totaal niets te bieden had. SecuRAM uit lijfsbehoud is daarom als tegenwicht al sterk genoeg. Maar daarnaast is SecuRAM ook bewust doordacht, overwogen en verwerkt bij de Culture Shock. ReliROM-SecuRAM bij meisjes is daarom een eenmalige discontinuïteit in de geloofsbeleving. Echter zullen zij veelal nog de schijn van ReliRAM ophouden.
Waar SecuRAM bij meisjes tot de vervolmaking van het zelfbeeld van de gelijkberechtiging leidt vindt er bij jongens juist het tegenovergestelde in de aantasting van de masculine bevoorrechting plaats. Dus met de jongens is men nog niet klaar. Zij assimileren mogelijk maar tijdelijk.
Culturele indolentie bij vrouwen (ReliROM-ReliRAM)
Culturele Indolentie (vrouwen) in een Seculiere en Feminine Cultuur (ReliRAM) is de belangrijkste reden waarom vrouwen wel integreren maar niet assimileren. Schema: (ReliROM-ReliRAM)
Culture Shock (meisjes) bij de intrede van de puberteit: 11-13 jaar. (Piaget: Formeel operationele stadium (12+ jaar): Mogelijkheid tot abstract denken)
Jonge minder weerbare allochtone meisjes beseffen pas in de abstract rationele periode (ReliRAM) dat zij gedoemd zullen zijn hun verdere leven een ondergeschikte rol te blijven spelen in hun oorspronkelijke cultuur. Te laat bemerken zij de verschillen met de autochtone meisjes in de schoolprestaties maar ook de kansen voor autochtone vrouwen met een goede opleiding in de geavanceerde samenleving.
Zij zijn volgzaam en accepteren het geloof uit liefde voor hun ouders. Zij slagen er daarom niet tijdig in om het juk van het geloof en de patriarchale cultuur af te werpen. Pas op het moment van de intrede van het abstracte denken beseffen zij dat zij destijds op school de boot gemist hebben en dat aan dit dramatische lot nauwelijks nog te ontkomen valt.
Er wacht hun een leven van lijdzaam verzet, van onderwerping en van volgzaamheid.
Culturele Criminaliteit bij mannen (ReliROM-ReliRAM)
Culturele Criminaliteit (mannen) is de oorzaak van criminaliteit door allochtone jongens. Zij integreren niet maar segregeren. Het betreft hier in de eerste plaats een culturele stoornis en pas daarna criminaliteit. Schema: (ReliROM-ReliRAM).
Culture Shock (jongens) bij de intrede van de puberteit: 12-14 jaar. (Piaget: Formeel operationele stadium (12+ jaar): Mogelijkheid tot abstract denken)
Jongens met onvoldoende opleiding bemerken pas bij de intrede in de Seculiere en Feminine Cultuur (ReliRAM want zij integreren niet tot SecuRAM) dat zij niet als vanzelfsprekend de posities van hun vaders in de Oorspronkelijke Religieuze en Patriarchale Cultuur (ReliROM) zullen kunnen overnemen.
Jongens met het profiel (ReliROM-ReliRAM) zullen echter ook niet tot extremisme of fundamentalisme vervallen. Immers er ontstaat geen discontinuïteit in de geloofsbeleving.
Er worden thans echter wel andere eisen en voornamelijk opleidingseisen gesteld, waaraan zij ondanks hun intelligentie nu al niet meer kunnen voldoen. Zij hebben op 12 jarige leeftijd de boot dus al gemist. Zij saboteren vervolgens hun opleiding en vervallen daarna uit frustratie tot criminaliteit. Zij hebben een verkeerde inschatting van de toekomst gemaakt.
Zij vervallen tot criminaliteit omdat dit de enige dimensie is die nog zonder scholing rechtstreeks toegang biedt tot de vervolmaking van het onbewuste zelfbeeld, die nog tot ‘respect’ kan leiden en in volstrekte harmonie is met de gevoelens die in ReliROM werden aangebracht.
Het is de patriarchale masculine cultuur die haaks staat op de verachtelijke softe en feminine samenleving waarin zij zijn terechtgekomen. Masculiniteit en stoerheid vormen in ReliRAM voor deze jongens de juiste aansluiting op ReliROM en leiden daarom tot zelfverwerkelijking en tot een harmonische persoonlijkheid. Een persoonlijkheid in overeenkomst met hun oorspronkelijke cultuur, de match tussen het bewuste en het onbewuste.
Culturele Criminaliteit wordt mogelijk door de eigen cultuur veroorzaakt, maar het spanningsveld tussen culturen als oorzaak kan ook niet worden uitgesloten. In ieder geval lijkt het een aanklacht en een protest tegen de Feminine Cultuur van gelijke kansen voor mannen en voor vrouwen. Criminaliteit is hierop het perfecte antwoord, de juiste strategie.
Zij gooien met stenen naar andere cultuurdragers, zij beledigen de vrouwen die zich niet horig tonen en vallen in groepen de zwakkeren aan. Zo bewijzen zij de superioriteit van hun cultuur en onderwerpen zij de ongelovigen. Zo komen zij tot hun vorm van zelfrespect. Men eist in zijn verscheurdheid bij voortduring ‘respect’, een wanhopig verzoek om het gebrekkige zelfbeeld en het afwezige gevoel van eigenwaarde mede te helpen ondersteunen.
Het zijn deze diepste gevoelens die buiten de wil van het kind aan religieuze concepten werden gekoppeld die beslist niet mogen worden gekwetst. Een kwetsbaarheid niet omdat religieuze concepten op zich van enige waarde zouden zijn maar omdat zij door hun onnavolgbare betrekking op primitieve gevoelens een autonome invloed op de persoon blijven uitoefenen waardoor deze zich machteloos en kwetsbaar weet.
Uiteindelijk ontmoeten zij in gevangenissen een zo hoge concentratie van gelijkgestemden dat de oorspronkelijke gevoelens gekoppeld aan ReliROM daar optimaal tot uiting kunnen komen. Gevangenisstraf wordt op deze wijze een reward, het reïnforced het gedrag. Het is dan ook geen straf maar een periodiek, een promotie. Er ontstaat daar een criminele subcultuur met een zich wijzigende rangorde.
Vervolgens vindt er weer verdere geestelijke groei en toename van innerlijke harmonie plaats. Informatie en ervaringen worden uitgewisseld en na de vrijlating wordt de criminaliteit in groepen van nog hechtere band opnieuw beleefd. Het is de ontaarding van het geloof maar dan wel binnen haar eigen dimensies. Criminaliteit leidt daarom tot de vervolmaking van de persoonlijkheid. Criminaliteit leidt hier tot innerlijke harmonie, rust en respect.
Criminaliteit lijkt voor deze jongens daarom de laatste vrijplaats van de oorspronkelijke cultuur bij afwezigheid van iedere opleiding. Criminaliteit, het juiste alternatief. Massaal stromen allochtone jongeren daarom toe naar de criminaliteit, het parallelle universum.
Criminele allochtone jonge mannen hebben in de puberteit zoals normaal een groepsidentiteit. Hierin komt het archetypische ReliROM tot optimale bloei. Pas na de puberteit en in de adolescentie ontwikkelt zich de eigen identiteit.
De aangerichte innerlijke schade is inmiddels echter al zo aanzienlijk dat er van een optimale ontplooiing van een vaak intelligente jongeman nog maar weinig terecht kan komen. Dat is de pijn die hij als geen ander voelt. Hij moet als verloren worden beschouwd: gepakt door zijn geloof en vernederd door de samenleving. Dat stemt tot bitterheid en haat.
Culturele Schizotypische Persoonlijkheidstoornis bij mannen (ReliROM-SecuRAM-ReliRAM)
Culturele Schizotypische Persoonlijkheidstoornis (mannen) lijkt de oorzaak van fundamenteel religieus extremisme. Het betreft hier een psychiatrische stoornis en geen criminaliteit. Schema: (ReliROM-SecuRAM-ReliRAM) met een dubbele discontinuïteit op geloofsbeleving, hét alarmsignaal voor de samenleving.
Culture Shock (jonge mannen) op de overgang van de puberteit naar de adolescentie: 17-19 jaar.
Het betreft hier jonge mannen van een behoorlijk intellectueel niveau. Zij hebben willen integreren en assimileren door hun schoolprestaties maar hebben het neveneffect van de secularisatie onderschat. Zij hebben hun religieuze hand overspeeld.
Zij komen voort uit de groep van Culturele Assimilatie (ReliROM-SecuRAM) en maakten tot voor kort een voorbeeldige indruk. Zij hebben destijds niet de Culture Shock van de meisjes (8-9 jaar) doorgemaakt. Ook de puberteitshock is aan hen voorbijgegaan door hun uitstekende prestaties. Hun Culture Shock komt pas bij de aanvang van de adolescentie, de eigen identiteit. SecuRAM, de seculiere samenleving staat hun eigen identiteit in de weg. God in het onbewuste gaat hiermee niet akkoord. God mixt niet met SecuRAM.
Na de puberteit en bij de overgang van de groepsidentiteit naar de eigen identiteit komt daarom bij deze mannen een innerlijke disharmonie naar voren in het spanningsveld tussen de Seculiere en Feminine Cultuur (SecuRAM) en de Oorspronkelijke Religieuze en Patriarchale Cultuur (ReliROM).
SecuRAM blijkt nu te zwak om ReliROM te neutraliseren. Er ontstaat daardoor een religieus spanningsconflict, het bewuste spoort niet meer met het onbewuste en er treedt vervolgens een desintegratie van de persoonlijkheid op. Dit leidt tot de culturele schizotypische stoornis in twee culturen.
Geestelijke instabiliteit kan daardoor een reactie oproepen van eigenaardige en onnavolgbare religieuze opvattingen, excentriek gedrag en paranoïde ideeën, absurd, metaforisch, breedsprakig en theatraal woordgebruik en een excentrieke kledij onbewust geïnspireerd op de irrationele denkpatronen vanuit ReliROM.
Deze dringen zich dus in toenemende mate op bij gebrek aan ritueel tegenwicht vanuit het bewuste. Het is deze overval vanuit het onbewuste die in extreme gevallen tot afwijkend gedrag leidt.
Allochtone jongens die daarom in de puberteit aangeven SecuRAM te zijn kunnen later alsnog nog ReliRAM worden. Zij die echter in de puberteit ReliRAM aangeven zullen niet in Nederland niet snel radicaliseren.
Als reactie op SecuRAM probeert de jongvolwassene alsnog in ReliRAM de aansluiting op ReliROM te bereiken. Maar daarmee kan de geavanceerde cultuur zelf natuurlijk niet meer worden verwijderd. Sommigen vluchten daarop terug naar de oorspronkelijke cultuur van het thuisland.
In een toestand van ernstige innerlijke verscheurdheid en disharmonie overcompenseren zij nu zodanig in ReliRAM dat zij gemakkelijk tot fundamentalisme kunnen vervallen.
De overgang van de schizotypische persoonlijkheid naar de echte terrorist ligt echter niet voor de hand. Terroristen hebben een geheel andere karakterstructuur. Zij zijn doorgaans alert en koelbloedig, gezagsgetrouw en tot samenwerking onder hoogspanning in staat.
Begaat daarom een schizotypische gestoorde persoon een terroristische daad, dan is dit een wanhoopsdaad wat hem tot een gelegenheidsterrorist maakt. Dan heeft hij zijn zaken vaak ook niet goed geregeld en dan gaat het meestal ook niet volgens zijn verwachtingen. Dan wordt hij tijdig opgemerkt of dan gaat de bom niet af. Het ligt echter voor de hand dat echte terroristen van schizotypen gebruik zullen maken als bommendragers. Schizotypische persoonlijkheden reizen dan ook regelmatig af naar de thuislanden om een opleiding te krijgen als eenmalige gelegenheidsterrorist.
Slaagt hij wel in zijn opzet tot terrorisme dan bereikt hij uiteindelijk toch nog innerlijke eenheid in ReliROM-SecuRAM-ReliRAM.
Hij zal dan later in tevredenheid zijn jaren in de gevangenis slijten. De innerlijke verscheurdheid is verdwenen, de test is doorstaan, men is uiteindelijk op zijn innerlijke bestemming aangekomen. De gevangenis lijkt echter de verkeerde plek. Het zijn in de eerste plaats psychiatrische patiënten.
Komen de aspirant schizotypen echter rechtstreeks uit de oorspronkelijke cultuur van het thuisland dan kan de Culture Shock ook op het moment van adolescentie naar volwassenheid optreden:
Culture Shock (jonge en volwassen mannen) op de overgang van de puberteit naar adolescentie of van adolescentie naar volwassenheid: 17-25 jaar.
Profiel: (ReliROM-ReliRAM-SecuRAM-ReliRAM).
Het betreft hier jonge mannen van een behoorlijk intellectueel niveau. Zij hebben profiel: (ReliROM-ReliRAM) waarmee zij in de oorspronkelijke cultuur wel degelijk hebben doorgeleerd.
Veel internationale gelegenheidsterroristen uit het verleden voldoen perfect aan deze beschrijving. Veelal waren zij rechtstreeks afkomstig uit de oorspronkelijke cultuur en vertrokken zij voor een studie naar een geavanceerde geseculariseerde cultuur. Profiel: (ReliROM-ReliRAM-SecuRAM).
Zij gedroegen zich daar aanvankelijk voorbeeldig en behaalden uitstekende studieresultaten. Echter desintegreerde na verloop van enige jaren hun persoonlijkheid waarna zij tot fundamentalisme en extremisme vervielen.
Profiel: (ReliROM-ReliRAM-SecuRAM-ReliRAM).
Vervolgens keerden zij als extremist terug naar de oorspronkelijke cultuur waar zij zich bekwaamden als gelegenheidsterrorist.
Daarna keerden zij weer terug naar de geavanceerde cultuur om terroristische activiteiten te ontplooien om uiteindelijk innerlijke zelfverwerkelijking en innerlijke harmonie te bereiken. Het zijn geen criminelen maar psychiatrische patiënten.
Kritieke Leeftijden:
Meisjes:
Jonge intelligente allochtone meisjes:
Culture Shock (meisjes) op rationaliteits kantelpunt 8-9 jaar (Piaget: Concreet operationele stadium (7 tot 12 jaar). Begin logisch redeneren).
Jonge minder weerbare allochtone meisjes:
Culture Shock (meisjes) bij de intrede van de puberteit: 11-13 jaar. (Piaget: Formeel operationele stadium (12+ jaar): Mogelijkheid tot abstract denken)
Jongens en Jonge mannen:
Jongens met onvoldoende opleiding
Culture Shock (jongens) bij de intrede van de puberteit: 12-14 jaar. (Piaget: Formeel operationele stadium (12+ jaar): Mogelijkheid tot abstract denken)
Jonge mannen van een behoorlijk intellectueel niveau:
Culture Shock (jonge mannen) op de overgang van de puberteit (groepsidentiteit) naar de adolescentie (individuele identiteit): 17-19 jaar.
Jonge mannen en jongvolwassenen rechtstreeks vanuit het thuisland en van een behoorlijk intellectueel niveau:
Culture Shock (jonge en volwassen mannen) op de overgang van de puberteit naar adolescentie of van adolescentie naar volwassenheid: 17-25 jaar
Ga eventueel verder met (60) Religie Stratificatie Systeem en
(10) Jason W.: Fundamentalisme als Ontwikkelingsfase in de Adolescentie http://peterpansparadijs.blogspot.com/
http://www.dagelijksestandaard.nl/2012/12/islam-en-moslims-een-bizar-onderscheid
Ga eventueel verder met (60) Religie Stratificatie Systeem en
(10) Jason W.: Fundamentalisme als Ontwikkelingsfase in de Adolescentie http://peterpansparadijs.blogspot.com/
http://www.dagelijksestandaard.nl/2012/12/islam-en-moslims-een-bizar-onderscheid

ROM-geheugen
Moslims komen ook nooit van hun Islam af. Zij hebben ook een ROM-geheugen. Ook zij moesten in hun jeugd meemaken hoe de omgeving samenspant en ijvert om het geloof in te prenten. Dat afschrikwekkende boek met haar hellevuur en doodsangst voor het opperwezen. Eenmaal ingeprent hebben we geen verontschuldiging meer (Romeinen 1:20)
De discussie gaat over dit: Omhelst gij de Islam of wenst u eraan te ontsnappen? Deze intentie maakt het verschil. Die Koran gaat nooit verdwijnen en de Bijbel ook niet.
http://peterpansparadijs.blogspot.nl/2011/07/het-ontstaan-van-een-fundamentalist.html